Nieuwe pagina | Nieuwe pagina | Berthus en Nelly Oktober | Telefoonkaarten japan | Nieuwe pagina | Nieuwe pagina | Cuttlebug embossing folders en stanzen | Double Do Alfabet | Nieuwe producten cuttelbug Verkrijgbaar!!!! | Kaarten gemaakt met de cuttlebug | Algemene informatie | E-mailformulier | Gastenboek | Weblog | Abdim ooievaar | Afrikaanse Gaper | Afrikaanse Maraboe | Afrikaanse Nimmerzat | Afrikaanse Wolhals Ooievaar | Hamerkop ooievaar | Indische Gaper | Indische Maraboe | Indische Nimmerzat | Indische Wolhals Ooievaar | Jariboe | Javaanse Maraboe | Maleise Nimmerzat | Schimmelkop Ooievaar | Schoenbek Ooievaar | Vorkstaart Ooievaar | Witte Ooievaar | Zadelbek Ooievaar | Zwartnek Ooievaar | Zwarte Ooievaar | Zwartsnavel Ooievaar | Wantlist Stork Stamps | Ooievaars postzegels | Ooievaar telefoonkaarten | Double Stork items | Ooievaar postzegellijst | Maximumkaarten | 1e Dagenvelopen | Ooievaar boeken en folders | Ooievaarverzameling | Ooievaarkaarten | Ooievaars schedels en skelletten | kerstkaarten met de cuttlebug

AFRIKAANSE MARABOE   

LEPTOPTILOS CRUMENIFERUS

 

 

 

ANDERE BENAMINGEN

Frans                - Marabout díAfrique

Duits                - Afrika-Marabu

SomaliŽ            - Bambu Jimmu

ArabiŽ              - Abu Sen

Hausa               - Borintunke

North Sorbo     - Mmakaitsimeletsa

Shona                - Svorenyama

Tsonga              - Qandlopfu

 

 

 

Lengte               - 152

Spanwijdte         - soms meer dan 3.30 meter

Gewicht              - 4-6 kg

Vleugelslagen    - 143 per minuut

 

 

 

UITERLIJK

Hun rug, vleugels  en staart zijn leigrijs met een groene glans de grote vleugelveren zijn wit omrand en de onderkant is wit. Zijn hals is kaal en op zijn kop heeft hij maar een paar stijve veren, die op borstels lijken. Hij heeft lange donkere poten, die meestal wit zijn door de mest, als afkoeling, en tegen parasieten en andere ziekteverwekkers waar de maraboes bij de dagelijkse bezigheden veelvuldig mee te maken hebben. Heeft een rode keelzak, die verbonden is met de neusholte. De keelzak fungeert niet zoals eerst aangenomen werd als voedsel krop maar schijnt een belangrijke rol te spelen bij de hofmakerij. Veel zoŲlogen vatten de Indische en Afrikaanse Maraboe samen. Veren kleed beide sexen gelijk. De grote roze keelzak kan bij mannetjes wel 30 cm lang worden.

 

   

 

 

BROEDVEREN KLEED

Bij het begin van het broedseizoen worden de bovendelen van de veren lichter blauw/grijs, met een ladderachtige band van witte vlekken langs de oppervlakte van de vleugels die gevormd worden door de 2e dekveren. Weelderig verlengde en pluizige onderdek veren zijn puur wit.

De kop en voorhoofd worden zwart/rood en korstig wat lijkt op uitgedroogd bloed. De kleuren van de naakte huid op de kop nek en keelzak worden zeer intens en de rug van de nek wordt helder lichtblauw. De iris kleur wordt met name bij sommige vrouwtjes een lichter bruin/grijze kleur enkele dagen voordat ze eieren gaan leggen. Het licht blauwe grijs op de rug wordt veroorzaakt door was gloed van een bepaald soort vet ďkeratineĒ wat onder de voorkant van de vleugels zit.

 

afr. mar. broedverenkleed 1 afr. mar. broedverkleed 2

 

  

 

 

VEREN KLEED JONGEN

De net uitgebroede jongen hebben een gerimpelde naakte huid en spaarzame veren met vaal grijs dons. Ze wegen ongeveer 70 gram. Oudere nestjongen van 8-35 dagen oud zijn bedekt met een dichter witte dons, behalve de kale kop, voornek en gezicht, deze zijn gelijk in aanzien dan de Grote en Kleine Adjudant ooievaars. Zwarte contouren van de veren verschijnen na 35-50 dagen op de rug en vleugels. Na 51-65 dagen zijn de jongen volledig voorzien van overwegend zwart op de rug, na 66 dagen lijkt het veren kleed op dat van de ouders.

 

       

 

JEUGD VEREN KLEED

De onvolwassen maraboes zijn het zelfde als volwassenen, hun boven veren zijn donker, vaal zwart met een blauwe gloed gemixt met bruin. Ze hebben ook niet meer de witte 2e dekveren langs de top van de vleugels, zoals ze deze hadden toen ze nog jong waren. Ze hebben dichter bruine en zwarte vezelachtige veren, afgewisseld door val grijze wollige veren die op het hoofd en nek groeien. De zachte delen zijn minder helder gekleurd en de nekzak is minder ontwikkeld of minder opgeblazen. De snavel lengte groeit langzaam met de jaren en neemt 1 a 2 jaar in beslag voordat hij volledig volgroeit is.

 

  

 

 

GELUID

De maraboe is over het algemeen een stille ooievaar, behalve in de buurt van het nest en als ze rusten. Tijdens de balts klepperen de maraboes hard en brengen een variŽteit aan hoge gillende en jankende geluiden voort. Overvloeiend in een lager knorrend koeien achtig ďYocĒ deze geluiden zijn ongeveer gelijk aan die van de Grote Adjudant ooievaar in India. Hun vleugels maken luide blaffend geluiden met name tijdens het landen en als ze wegvliegen tijdens het sociale gedrag met andere ooievaars. De opblaasbare keelzak dient voornamelijk als imponeer signaal bij de balts.

 

 

 

 

MARABOES EN ANDERE VOGELS

Op de grond of in grote groepen kan de maraboe niet verward worden met andere vogels in dat gebied. Als hij hoog in de lucht zweeft kan hij verward worden met gieren en grote witte pelikanen door de lange poten en met de zeldzame schoenbek ooievaar, maar dan met een kleinere snavel.

 

 

afr. maraboe en andere vogels 1 Afr mar met andere vogels 2

 

 

TREK

De maraboe gaat kort en binnen het Tropisch gebied op trek afhankelijk van de regentijd. Hij gaat vaak weg uit het gebied tijdens de regens om in het volgende droge seizoen weer terug te komen. In Uganda trekken de Maraboes voornamelijk in de noord zuid richting. Ze zwerven ook rond in gebieden waar er prooi in overvloed is.

 

 

 

 

DISTRIBUTIE EN POPULATIE

De maraboe leeft in Tropisch Afrika hij komt voor van Senegal over naar EthiopiŽ en SomaliŽ, Zuid tot Noord Zuid Afrika ( noordoost Transvaal en Zululand), noord Botswana en noord oost NamibiŽ. De Maraboe is een zeldzame zwerver ten zuiden van zijn broedgebied en hij is bezoekt af en toe IsraŽl (1987 -34) De maraboe is gewoon tot veel voorkomend in de meeste delen van zijn gebied. Hoewel het aantal maraboes de laatste jaren nogal gedaald is over het hele gebied omdat ze zo dicht bij de mensen leven. Het totale aantal werd in Uganda geschat op 4000-5000 in 1972. In Uganda zijn er naar leeftijd 4566 maraboes geobserveerd daarvan was 13% jeugdig, 15% onvolwassen 3-4 jaar oud en 71% volwassen. Het geschatte aantal stervende volwassen maraboes is 8% per jaar. In gevangenschap heeft een maraboe 31 jaar geleefd.

 

 

 

 

LEEFOMGEVING

De maraboe leeft hoofdzakelijk in open gebied vaak in het zicht van een groot meer of rivieren. Hij komt niet voor in dicht beboste gebieden van Afrika, behalve als de bomen gesitueerd zijn bij grote meren. Hij schijnt de voorkeur te hebben aan het droge seizoen of droge gebieden, maar vaak wel op vliegafstand van een waterrijk gebied. Hij is vaak gezien met andere aaseters zoals gieren in een vogelvrij gebied, waar hij zich voedt met voedsel dat achtergelaten is door grote prooidieren. Hij is gewoon en soms in overvloed te zien bij de mens, bij garage afvalbakken, abattoirs en viskampen waar afval overblijft. Hij komt voor in natuurlijk moerasgebied, met name tijdens het broedseizoen en adoreert poelen die uitdrogen, zodat de vis in een kleine concentratie bij elkaar zit.

 

 

 

 

RUST

De maraboes verzamelen zich in de namiddag bijeen voor de traditionele gewone rust, welke plaats jaren gebruikt wordt als ze daar niet gestoord worden. Een zoín rustplaats is vlakbij Nairobi Kenia, ver van enig bekend broedgebied waren ongeveer 1000 vogels bijeen. De volgende morgen bleven ze op hun rustplaats voor meerdere uren na zonsopgang, totdat de termische lucht stromen kwamen opzetten waar ze op konden zweven naar hun foerageer gebieden. De maraboes zitten gewoonlijk lange perioden op hun knieŽn en te zonnen met hun vleugels naar de zon gericht. Als een vast gedragspatroon door veel vogels binnen een groep. Wanneer hij niet bezig is zijn eetlust te bevredigen, staat de maraboe gewoon te staan, waardoor hij de indruk wekt diep in gedachten verzonken te zijn. Hij loopt voorzichtig, maar doelgericht, met deftige ongehaaste pas van een winkelchef. Van dichtbij bekeken geven de kale roze met grijze, schurftige kop en de ingezonken ogen een afstotelijke vogel, en lijkt op een oud mannetje.

 

    

  

 

 

TEMPERATUUR

Maraboes slagen er gewoonlijk goed in hun waterverlies te beperken, maar bij hitte moeten ze zich koel houden door hun bek te openen om  door middel van hijgen water te verdampen. De opblaasbare keelzak, die in verbinding staat met de neusholte heeft ook een belangrijke functie bij het regelen van de temperatuur.

 

Afrikaanse maraboe witte poten De Maraboes laten hun uitwerpselen over hun poten lopen als bescherming tegen de hitte.

 

 

FOERAGEERGEDRAG

Het foerageer gedrag is verbazingwekkend gereserveerd. Als ze zich voeden met gieren en adelaars is de maraboe best wel verlegen.  Hij hangt rond langs de buitenkant van de groep in de hoop af en toe een stuk kadaver te kunnen stelen van de kleinere maar zoveel meer agressievere aaseters. In deze situatie is de maraboe meer een piraat door toe te staan dat de gieren met hun sterk gehoekte snavel het vlees van het skelet scheuren en het dan laten stelen. Bij afvalstortplaatsen en visdorpen verliezen maraboes hun verlegenheid naar mensen toe, en kunnen op een meter afstand van werkende mensen geduldig in afwachting zitten om een hapje weg te kunnen stelen. Met name tijdens het broedseizoen, maar daarbuiten soms ook wel. Maraboes foerageren voor levende prooi. Als er termieten zwermen zijn staan de maraboes vaak rechtop en consumeren goede kwaliteit van deze vette lichaam insekten. Visprooien worden meestal uit het water gehapt, de tactiek daarvoor lijkt op die van de bosooievaar. De gedeeltelijk geopende bek wordt vertikaal in laag water gehouden en beweegt langzaam, terwijl de maraboe langzaam naar voren loopt. Als er een prooi door de snavel raakt, klapt hij razendsnel dicht. En de vis wordt doorgeslikt door het hoofd naar achteren te gooien. Op andere momenten als het water helder is, zoekt de maraboe zijn prooi met zijn gezichtsvermogen en pakt hem met de punt van zijn snavel. In groepsverband hebben foeragerende maraboes een overheersende invloed op andere maraboes en imponeren hen met opgeblazen luchtzakken. De minder gerangschikte maraboes gaan dan uit de weg. Grote groepen maraboes verschijnen uit het niets op waar het krioelt van de sprinkhanen of rupsen of bij grasbranden, waar ze insekten eten die gewond zijn door de vlammen. Hier foerageren ze vaak samen met de migrerende witte ooievaar en met de abdim ooievaar.

 

      

 

 

VLIEGWIJZE

De Maraboe vliegt zwaar met een langzame vleugelslag en cirkelt tot grote hoogte op de termiek. De Maraboe is een uitstekende vlieger. In de vlucht heeft het reusachtige dier echt gratie en waardigheid , vliegt met ingetrokken hals, naar achteren gestrekte poten en de keelzak flapperend in de wind. Vaak glijden de maraboes zo hoog mee op de termiek dat ze vanaf de grond nauwelijks meer te zien zijn. In Uganda is een groep maraboes waargenomen op 3000-4000 meter hoogte, met hun keelzakken opgeblazen.

 

      

 

 

BALTS

Aan de kale nek zit een opblaasbare keelzak, die gebruikt wordt bij de balts. Onderdeel van het baltsen is het ritueel van langzaam op en neer bewegingen van de kop, onder het uitstoten van een loeiende grommende of fluitende roep. De mannetjes verzamelen zich op het nest en wachten tot ze door de vrouwtjes benaderd worden. Hun keelzakken zijn volledig gevuld en indiceren een hoog niveau van vijandelijkheid en dominantie bij de mannetjes. Iedereen die binnen zijn domein komt wordt eerst als vijand behandeld, andere mannetjes vechten terug, terwijl de vrouwtjes passief reageren met een onderdanige houding. Een eventueel geschikt bevonden vrouwtje wordt geaccepteerd door het mannetje.

 

maraboe broedgedrag 1 maraboe broedgedrag 2 

 

 

VOEDSEL

Hij voedt zich met karkassen van dieren van elk formaat, soms concurrerend met gieren, en zoekt vuilnisbelten af.  Levende prooien zoals insekten, vissen, ratten en kleine vogels wordt ook verorberd. Hij overvalt flamingo kolonies voor de eieren van de vogels, jongen en zelfs volwassen vogels. De kale kop van de Maraboe stelt hem is staat aas te eten met minimale bevuiling van de veren. Een volwassen Maraboe heeft dagelijks 720 gram voedsel nodig. Als op de savanne de droge tijd aanbreekt, begint voor de maraboes de periode van feestmalen. Heel veel hoefdieren, zoals gnoes, zebraís en vele antilopen komen dan namelijk om van de honger of zijn zo verzwakt dat ze een gemakkelijke prooi vormen voor roofdieren. En die laten altijd wel een hapje over voor de aaseters. Juist wanneer andere savanne bewoners het moeilijk hebben brengen de maraboes hun jongen groot. Maraboes eten soms ook jonge krokodillen; en termieten. Soms tasten de maraboes hun snavels diep in de zand op zoek naar embryoís nog voor de eieren uit zijn. Bij afwezigheid van een vrouwtjes krokodil neemt een vijftal maraboes snel een legsel voor hun rekening. De gieren zijn gewoonlijk de eerste die een prooi zien. Duiken zij vanuit de lucht naar beneden dan is dit voor de eveneens rondvliegende maraboes een teken er prompt achteraan te gaan. Op de grond gaan ze gewoonlijk met bedachtzame maar zeer resolute passen op de buit af. In de weg staande concurrenten worden verjaagd met stevige snavelhouwen, waarbij de reusachtige vleugels klapperend worden gespreid. De eenvoudigste manier om hun voedsel te verkrijgen, is het gewoon uit de snavel van een gier te gappen. En anders hakt hun zware puntige snavel wel lustig op de prooi los, waarbij de dikke maar toch tamelijk lange hals diep in het kadaver doordringt om de lekkerste hapjes weg te halen.  Op een broedeilandje in het Barberspan reservaat in Transvaal slokte een enkele maraboe in zeer korte tijd op 2 na alle 300 kuikens op van aalscholvers  Maraboes zijn echter geen schadelijke vogels, maar mede opruimers van kadavers en dus uiterst nuttig zowel voor de mens, als voor de dierpopulatie.

 

maraboe voedsel 15 maraboe voedsel 16 maraboe voedsel 17 maraboe voedsel 18  

  maraboe voedsel 2 

 

 

PARING

Na de paring vult ook het vrouwtje haar keelzak met lucht en beide houden dit een hele tijd vol, meestal totdat de eieren zijn gelegd. Dit schijnt een dominant gevoel te wekken naar de andere maraboes toe in het broedgebied. Als het paar volledig geÔnstalleerd is laat het mannetje haar een periode alleen op het nest en vliegt weg om takken te gaan verzamelen. Als de maraboes weer bij elkaar komen worden er op en neer bewegingen van de koppen waargenomen.

Meerdere paringen volgen tussen het nest bouwen door en onderlinge activiteiten. Tijdens het vroege nestbouw stadium brengen de mannetjes het meeste materiaal aan en geven dit aan de vrouwtjes in het nest. Later brengen beide takken aan.

 

 

BROEDPLAATS

Ze broeden in kolonies in bomen of op rotsen. Meestal in alleenstaande bomen, maar hij heeft zich ook aangepast aan het leven in de buurt van de mens.

Dergelijke kolonies vindt men in de nabijheid van aas of afval, dus in wildrijke streken, in veeteelt gebieden en in de nabijheid van menselijke nederzettingen.

De maraboes nestelen verspreid over een behoorlijk wijd gebied met een aantal paren tot enkele honderden paren meer voorkomend zijn 20-60 paren. Ze bouwen hun nest in gezelschap van rood rug pelikanen of minder vaak met andere watervogels. De nestplaatsen worden meerdere malen gebruikt mits ze daar niet gestoord worden. Als ze een goede rustige broedplaats hebben gevonden ligt het foerageer gebied meestal op zoín 50/60 km afstand.

De grootste kolonie in oost Afrika is gezien in het moerasgebied.

 

maraboe nestbouw 1 maraboe nestbouw 2

 

 

NEST

Grote takken massa met een kuil middenin, bekleed met kleinere twijgen en groene bladeren, in een kolonie in een bom of op een klif. De nesten zijn gewoonlijk in een boom van 3-40 meter hoogte, soms op kliffen zoals in oost Uganda, Zuid Sudan, en zuid Tanzania. Zulke bomen staan vaak midden in dorpen, met name in west Afrika en in grote steden zoals Kampala in Uganda. Het nest platvorm is een ruw van structuur gemaakt van takken en afgewerkt met kleinere twijgjes en groene bladeren. De nesten van de vorige jaren worden na reconstructie weer opnieuw gebruikt en ze eigenen zich nogal eens stokken van de buren toe. Het totale platvorm is 1 meter in diameter en zoín 20/30 cm dik. Soms worden er ook voordat de jongen kunnen vliegen nieuwe takken aangebracht.

 

  

 

 

JONGEN

De 2 a 3 eieren worden in Afrika aan het eind van de regentijd gelegd, zodat de jongen tijdens het droge seizoen worden grootgebracht. Dan is er namelijk meer aas en de waterdieren worden dan op een beperkt gebied in steeds kleiner wordende wateren samengedrongen. De schalen zij dof krijt wit, maar worden al snel bevlekt. De jongen worden met intervallen van 1-3 dagen gelegd. Beide sexen broeden zodra het eerst ei gelegd is. De broedduur in 30 dagen.  De jonge maraboes zien er met hun kale lijf hulpeloos uit maar pikken direct na hun geboorte al aangeboden voedsel op. Dat worden al vrij snel grote porties, wat een verklaring geeft voor de snelle groei. Ze eten vissen, kuikens en muizenÖ. Blijkbaar broedt steeds maar een klein deel van het bestand.

Vooral in de broedperiode jaagt hij op levende dieren, omdat hij zijn jongen moet voeren met beenderen erin, om hen van de nodige calcium te

voorzien. De jongen zijn na ongeveer 116 dagen gereed voor de eerst vlucht en verlaten tenslotte na ongeveer 130 dagen het nest. Aan het begin van de volgende regentijd zijn de jongen klaar op uit te vliegen.

 

maraboe eieren  afr. maraboe met jongmaraboe jongen 0 maraboe jongen 1 maraboe jongen 2  

 

 

HERKOMST

De relatie van de maraboe met de Grote Adjudant is een discussie punt vanwege de overeenkomsten. Hoewel er opmerkelijke verschillen zijn in hun gedrag worden ze toch gezien als een aparte soort.

 

 

BESCHERMING

Op dit moment schijnt de maraboe ooievaar het best goed te doen in de meeste delen van zijn leefgebied. In een van deze unieke soorten die voordeel blijkt te hebben aan zijn aanpassingsgedrag in de menselijke omgeving. Het is interessant en tevens een raadsel dat deze soort toeneemt in Afrika, terwijl zijn naaste familielid de Grote Adjudant in AziŽ in aantal afneemt.

 

 

GEVAAR

Maraboes worden juist vanwege hun macabere uiterlijk gevangen door Europese en Japanse particulieren. De witte onderdek veren werden vroeger gebruikt als pronkmiddel op Dames hoeden. Maraboes hebben het juist in regentijd moeilijk omdat er dan veel aanbod is van plantaardig voedsel, en er dus weinig planteneters sterven. Maraboes zijn dan meestal te vinden langs de oevers van meren en plassen, waar ze in het ondiepe water jacht maken op vissen.

 

 

GEVANGENSCHAP

In het Noorder Dierenpark kruipen regelmatig jonge maraboes uit het ei. Aanvankelijk werden de eieren altijd in de broedmachine uitgebroed, waarna de jongen in het fokcentrum door de verzorgers werden grootgebracht. In 1995 is voor het eerst een jong door de ouders zelf opgevoed. Het Noorder Dierenpark is een van de zeer weinige dierentuinen ter wereld waar dat is gelukt. Berlijn fokt ook met Maraboes.

 

 

ALGEMENE INFORMATIE

Het is meestal een van de eerste vogels die een bezoeker van Oost Afrika te zien krijgt, want elk safari hotel heeft zijn eigen detachement van deze ooievaars, die de toeristen volgen om van het afval uit hun nederzettingen te eten en vrijwel symbionten van de mens zijn geworden. Deze rol is echter van recente oorsprong.

 

 

TITELTHEMA; DIERENPARK COTTBUS IN COTTBUS KLAPERT HET AARDIG.

 

MARABOES IN HET DIERENPARK COTTBUS

In 1986 kreeg het dierenpark Cottbus uit een andere dierentuin een volwassen Afrikaanse maraboe, die daar al enige jaren geleefd had. Het dier was goed te herkennen aan het verloren gegane teen lid aan beide poten. In 1991 kwam er een partner bij die weliswaar een oog miste. Het geslacht van deze maraboes was op dat moment nog niet bekend. Om een eventuele paar formatie mogelijk te maken werden er in dat zelfde jaar nog twee andere maraboes door middel van de dierenhandel Hofmeester bijgezet. Het waren maraboes die in Afrika in het wild gevangen zijn, en die op dat moment ongeveer 2 jaren oud waren. Later kon men vast stellen dat zowel de eerste twee als de twee die uit het wild waren gehaald een paartje hadden gevormd. In 1996 kwam bij het eerste paar, voor het gemak paar 1 genoemd, voor het eerst tot broeden. Tussen 24-02-1996 en ongeveer 04-05.1996 werden totaal 3 eieren geteld.

Het idee om deze ooievaars zelf hun eieren uit te laten broeden mislukte. Alle drie de eieren werden bijna direct na het leggen zwaar beschadigd of kapot gemaakt. De vermoedelijke oorzaken daarvoor zijn de copulaties op het nest die nog plaats vonden terwijl de eieren al waren gelegd. Het tweede en derde legsel werd van het nest weggenomen en in een broedhuis uitgebroed. Van de 6 gecontroleerde eieren bleken er 5 bevrucht te zijn. Ze kwamen uit en zijn met de hand groot gebracht.  In 1997 begon ook het tweede paar met het broeden. Zij waren op dat moment ongeveer 7 en 8 jaar oud. Wederom gaf het problemen bij het broeden op de natuurlijke manier. Het mannetje bleek echt een eiervijand te zijn. Zodra er zich een ei in het nest bevond en nog bevind knikkert het mannetje hem het nest uit waardoor hij beschadigd en vaak ook verloren gaat. Omdat het leggen van de eieren meestal snachts gebeurd, werd besloten om het mannetje en vrouwtje savonds apart te zetten. En smorgens werd hij voor de copulatie weer bij het vrouwtje toe gelaten. Door de voornoemde oorzaken moesten alle eieren kunstmatig bebroed worden en de jongen met de hand gevoerd.

Een methode die tot nu toe zeer veel oplevert.

 

1996   Paar 1           5 Jongen

1997   Paar 1 en 2     11 Jongen

1998   Paar 1 en 2     12 Jongen

1999   Geen broedsel door verbouwingen

2000   Paar 1 en 2     15 Jongen

 

In het winterverblijf werden de ouders ieder in een aparte ruimte gezet met prikkeldraad tussen beide verblijven. In het gedeelte van het mannetje werd alvast een nest gemaakt. Hierdoor kon het mannetje eerder in de broedstemming komen als het vrouwtje. Als het mannetje en het vrouwtje ondanks het prikkeldraad zich voor elkaar gingen interesseren werden ze bij elkaar gezet. Als er echter spanningen ontstonden waarbij duidelijk werd dat bv. het vrouwtje niet kon ontkomen werden ze weer apart gezet omdat geen uitvlucht mogelijkheid de dood kon betekenen. Pas als het vrouwtje op het nest wordt toegelaten, word het paar bij elkaar gelaten. Snel daarna volgt dan ook de paring en het leggen van de eieren. De eieren wegen tussen de 135 en 145 gram. Meestal bestaat het broedsel uit 3 eieren. Als het broedsel verloren is gegaan of weggenomen wordt er een tweede broedsel gelegd na 4 weken. De broedduur in het broedhuis bij een temperatuur van 37,2 graden en een luchtvochtigheid van 42% was 30 tot 31 dagen. N et uitgekomen jongen wegen tussen de 95-116 gram. De jongen worden tot de 10e levensdag gevoerd met muizen en ratten. Na een tijdje aten ze stukken vis en op een gegeven moment ook kleine zoetwatervissen en eendagskuikens. Het aantal zieken onder jongen is gering. Een enkele keer zijn er twee jongen gestorven aan een salmonella vergiftiging, en een maal waarschijnlijk door een schrikreaktie. Met ongeveer 120 dagen zijn de jongen vlieg klaar en volledig zelfstandig. Na het beŽindigen van de broedperiode verhuizen de paren naar het vrije gedeelte voor Afrikaanse dieren. Daar leven ze tijdens de zomer tussen de zebraís, de eland antilopen en struisvogels. In deze periode zijn er geen benaderingen te observeren tussen de beide partners van het broedpaar. Dat is dus een duidelijk teken dat de maraboe zich tijdens een seizoen voortplant net als de andere soorten ooievaars. In de zomer worden er wel vaak nest voorbereidingen getroffen zoals het aandragen van nestmateriaal en korte broedperiodes op een steen door dieren die alleen zijn. Tot dusver kon in Cottbus in deze periode nooit een paar formatie zien vormen. Hoewel al deze partners van paren afstammen die in het winterverblijf samen zaten. Uit andere dierentuinen zijn echter toch zomer broedsels bekend. Ze zijn dan te zien, als de broed stemming van beide partners synchroon verloopt, zonder storing en door het nest aanbod van mensen. Om te voorkomen dat er onder de Maraboes in Cottbus inteelt voor zou kunnen komen zijn alle maraboes opgenomen in een bestand.

 

Laatste wijziging op: 13-07-2009 10:20